Proeven met maïs
Specifieke aandachtspunten beproeft Hooibeekhoeve in projecten uitgevoerd in het kader van het Landbouwcentrum voor Voedergewassen vzw. De resultaten ervan kun je gratis raadplegen op de website van het LCV.
Op deze pagina staat een overzicht van de proeven met maïs.
Rassenproef kuilmaïs
Traditiegetrouw ligt op een perceel van de Hooibeekhoeve in Geel een rassenproef kuilmaïs van het. We vergelijken er niet minder dan 88 rassen van diverse zaaizaadfirma’s. De proef ligt aan in vier herhalingen en wordt gezamenlijk verwerkt met de andere proeven van de LCV-partners en het CIPF. Zowel het drogestofgehalte, de totale drogestofopbrengst als de kolfopbrengst en voederwaarde worden bepaald.
Netwerk ‘schatting oogstdatum maïs’
Bij deze proef worden telkens drie rassen uitgezaaid op twee tijdstippen. We volgen de bloei op en vanaf eind augustus wordt wekelijks een monster genomen voor drogestofbepaling. De resultaten publiceren we samen met de overige resultaten van het netwerk wekelijks in de vakpers. Dit project loopt onder coördinatie van CIPF vzw.
Minimale bodembewerking bij maïs
De aanleiding van dit project is de problematiek van erosie, maar op de vlakke percelen van de Kempen wordt minimale bodembewerking vooral als kostenbesparing gezien. Op vier locaties in Vlaanderen, waarvan één door de Hooibeekhoeve wordt opgevolgd in Heppen, wordt de klassieke bodembewerking door middel van ploegen vergeleken met een beperkte bodembewerking met een cultivator en met directzaai, zonder grondbewerking.
In deze proef zijn gras en rogge de bodembedekkers. Aangezien bij de verschillende manieren van bodembewerking een invloed te verwachten is op de mineralisatie, worden er nog drie stikstofniveau's aangelegd per bodembewerking, waarbij een stikstofbemesting uitgevoerd wordt volgend advies (stikstofindex Bodemkundige dienst van België), 30 procent verlaagd advies en 30 procent verhoogd advies. Projectcoördinator van dit project is Hogeschool Gent – Departement Biowetenschappen en landschapsarchitectuur.
Rijenbemesting met drijfmest?
Rijenbemesting met kunstmest is reeds vele jaren ingeburgerd. Rijenbemesting met drijfmest is minder vanzelfsprekend. De Hooibeekhoeve heeft in 2007-2009 al enkele proeven aangelegd rond rijenbemesting met drijfmest en gelijktjidig maïs zaaien. Met de gebruikte techniek werden behoorlijke resultaten behaald. Nadeel bleek vooral de beperkte capaciteit van het drijfmest spreiden in combinatie met zaaien. Nieuwe technieken vooral in combinatie met GPS, bieden nieuwe kansen voor de rijenbemesting met drijfmest. In kader van het demonstratieproject “Mais bemesten:oude principes, nieuwe technieken” wordt een nieuwe Nederlandse machine worden gedemonstreerd. Het gaat om een aangepaste cultivator die in één werkgang drijfmest toedient en zaaiklaar legt. In een volgende werkgang wordt er maïs gezaaid. Door het gebruik van RTK-GPS bij zowel het bemesten als het zaaien wordt het zaad op enkele centimeters naast de mest gelegd.
Project in kader van het demoproject”Mais bemesten, nieuwe technieken, oude principes”, Dit project wordt medegefinancieerd door de Europese Unie en het Departement Landbouw en Visserij van de Vlaamse overheid
Maïs na gras bemesten
Wil men derogatie bij maïs derogatie aanvragen, is er de verplichting van een voorteelt gras te zaaien en te maaien. Na de maïsoogst wordt er (Italiaans) raaigras gezaaid. In het voorjaar (eind april – begin mei) oogst men het gras en wordt er terug maïs gezaaid. In één jaar worden er bijgevolg 2 teelten geoogst. De vraag is of huidige bemestingsnorm voldoende is om in één jaar 2 teelten te kunnen oogsten die zowel voldoende kwantiteit als kwaliteit. Op basis van de eerdere LCV-proeven rond de bemesting van teeltcombinatie gras-maïs kan gesteld worden dat een vroege, en snel opneembare stikstofgift voordelen biedt. Kunstmest of een vroege drijfmestgift al dan niet in combinatie met kunstmest geeft goede resultaten. Een vroege drijfmestgift is echter niet steeds mogelijk. In deze gevallen is men dus enkel op kunstmest aangewezen om het gras te bemesten. Men heeft dan de keuze ofwel het gras minder kunstmest te geven ofwel op de hoeveelheid drijfmest in te boeten, wil men aan de normen voldoen. In dit luik is het de bedoeling te zoeken naar de meer optimale bemesting voor de teeltcombinatie gras-maïs. Deze proef loopt ook in kader van het demonstratieproject “Mais bemesten:oude principes, nieuwe technieken”.
