Beschikbare skip links


De beverrat

Met zijn gemiddelde gewicht van 6 kg is de beverrat het grootste knaagdier dat in Vlaanderen voorkomt. Oorspronkelijk komt ze uit Zuid-Amerika, waar ze in verschillende omstandigheden leeft. Hun aantallen worden daar laag gehouden door droogtes, overstromingen en vooral door roofdieren zoals de Kaaiman (een alligatorachtige).

De beverrat in het kort

Foto van een beverratje

Rond de wisseling van de 19de en 20ste eeuw werden beverratten ingevoerd als pelsdier, voor het vlees en om grachten vegetatievrij te houden. Heel wat exemplaren ontsnapten en vrij snel ontwikkelden zich grote populaties.

Beverratten maken platte bladernesten op de oever of in het riet. Ze planten zich het hele jaar door voort, zo’n twee à drie nesten van telkens twee tot dertien jongen. Deze zijn al geslachtsrijp op drie maanden. De dieren worden zo’n twaalf jaar oud.

Voedsel zoeken ze in een nabije omgeving van het nest (< 400 m). Bij extreme weersomstandigheden kunnen ze echter afstanden tot 75 km afleggen. Beverratten eten veel wortels, wortelstokken en –knollen.

 

Schade

Foto van een beverrattenfamilie

Hoge densiteiten van deze dieren kunnen veel schade veroorzaken, zowel voor de mens als voor de natuur. De ‘vraatschade’ die zij aanrichten kan leiden tot volledige uitroeiing van een vegetatie op een bepaalde plaats.

In de provincie Limburg bevindt zich een populatie beverratten die tot nog toe niet tot in de provincie Antwerpen is doorgedrongen.

 

Bestrijding

Foto van klemmen waarmee de beverrat kan gevangen worden

De bestrijding kan op twee manieren gebeuren. Klemmen worden boven het waterniveau geplaatst, vermits de pijpen waarin ze nestelen zich boven het waterniveau bevinden. Dit verhoogt wel de kans op nevenvangsten (andere waterdieren die in de klemmen terecht komen). Er dienen steeds waarschuwingsborden geplaatst te worden voor voorbijgangers.

Een tweede manier is het gebruik van levendvangkooien. Grote voordeel is dat nevenvangsten levend kunnen worden losgelaten. Maar dit vraagt dagelijkse controle en is dus arbeidsintensief.