Beschikbare skip links


Bijzondere gevallen

VLAREM bevat enkele bijzondere bepalingen over:

  • De proefvergunning.
  • De koppeling van de bouw- en de milieuvergunning.
  • Het verval, de schorsing en de opheffing van de vergunning.  

Proefvergunning

De vergunningverlener kan de vergunning op proef verlenen op voorwaarde dat er geen stedenbouwkundige vergunning vereist is. 
Een proefvergunning geldt voor een termijn van tenminste zes maanden en ten hoogste twee jaar.

Let wel: indien een vergunning op proef werd verleend, wordt zonder bijkomende formaliteiten een definitieve beslissing over de milieuvergunningsaanvraag getroffen voor het verstrijken van de termijn van de vergunning op proef.

VLAREM I regelt de verschillende procedurestappen zoals de adviesvraag, het advies van de Provinciale Milieuvergunningscommissie en het evaluatieverslag van de toezichthoudende overheid (beide laatste echter alleen wanneer de vergunningverlener de deputatie is). 

De termijnen van de verschillende stappen zijn gesanctioneerd.

Koppeling van bouw- en milieuvergunning

VLAREM koppelt de bouw- of stedenbouwkundige vergunning aan de milieuvergunning. Dit houdt in dat indien één van beide vergunningen wordt afgeleverd, deze geschorst blijft tot ook de andere vergunning definitief verkregen werd. 

Indien een bouw- of stedenbouwkundige vergunning verleend werd, maar de milieuvergunning wordt geweigerd (en alle mogelijkheden tot beroep zijn uitgeput), dan wordt bijgevolg de bouw- of stedenbouwkundige vergunning automatisch omgezet in een bouwweigering en moeten beide vergunningen opnieuw aangevraagd worden.

Dit geldt ook in het geval van een reeds verleende milieuvergunning en een geweigerde bouw- of stedenbouwkundige vergunning.

Verval, schorsing en opheffing van de vergunning

De vergunning vervalt van rechtswege in volgende gevallen:

  • De inrichting werd niet ingebruikgenomen binnen de vastgestelde termijn.
  • De inrichting is vernield wegens brand of ontploffing die het gevolg is van de exploitatie van de inrichting.
  • Twee jaar na elkaar werd de inrichting niet geëxploiteerd.
  • Er is geen exploitatie meer in het kader van het verkrijgen van een stopzettingsvergoeding voor de vrijwillige, volledige en definitieve stopzetting van de productie van alle dierlijke mest (alleen voor de veeteeltsector).    

De bevoegde overheid kan de vergunning (gedeeltelijk) schorsen of opheffen indien de exploitant VLAREM en/of de geldende milieuvergunningsvoorwaarden niet naleeft. De procedure voorziet ondermeer een adviesvraag aan de met toezicht gelaste ambtenaren (waaronder de burgemeester, de milieu-inspectie, maar ook de gezondheidsinspectie en de afdeling Natuurlijke Rijkdommen en Energie).