- Home
- Bestuur
- Kennismaking
- Geschiedenis
- 15de tot 18de eeuw
- 7de tot 14de eeuw
- 15de tot 18de eeuw
15de tot 18de eeuw
In de 15de eeuw veranderde het politieke klimaat. Door erfenissen en oorlogen kwamen onze streken onder de heerschappij van de Bourgondiërs.
Centralisatie en regionaal bewustzijn
Het beleid van de Bourgondiërs kenmerkte zich door territoriale centralisatie. Naast de Statenvergadering kon ook de Staten-Generaal worden samengeroepen, waarin de drie standen uit de verschillende hertogdommen, graafschappen en heerlijkheden zetelden. Maar de Bourgondische centralisatie bracht als slingerbeweging ook een sterk opduikend regionaal bewustzijn met zich mee. Zo zag Maria van Bourgondië zich in 1477 verplicht om het Groot Privilegie toe te staan, waardoor de Staten en de Staten-Generaal nieuwe voorrechten kregen.
Groei provinciale gedachte
Vanaf 1482 ging het bewind over op de Habsburgers. Onder hun gezag werd de functie van gouverneur gecreëerd. In dit tijdvak groeide tegelijk de provinciale gedachte. In 1549 vaardigde keizer Karel V de Pragmatieke Sanctie uit, waarin het markgraafschap Antwerpen voor het eerst werd vermeld als één van de zeventien Provinciën. Antwerpen bleef vertegenwoordigd in de Staten van Brabant en vanaf 1565 werd ook een Permanente Deputatie in het leven geroepen. Deze instelling was verantwoordelijk voor het dagelijkse beleid, vooral op financieel en fiscaal vlak.
Spanjaarden en Oostenrijkers
De Spaanse Furie en de val van Antwerpen (1585) hadden de feitelijke scheiding tussen de Zuidelijke en Noordelijke Nederlanden tot gevolg. Antwerpen verviel tot een regionaal centrum. Pas in 1713 maakte de Vrede van Utrecht een einde aan de Spaanse Erfenisoorlog. Karel VI werd de eerste Oostenrijkse vorst van de Zuidelijke Nederlanden. Evenals de Spanjaarden waren de Oostenrijkers absolutisten die geen rekening met onze instellingen hielden. Ze bestuurden onze gebieden vanuit Wenen.
Indeling in kreitsen
Vooral Jozef II drukte zijn stempel op de Oostenrijkse Nederlanden door het gebied te verdelen in negen kreitsen. De kreits Antwerpen omvatte naast het markgraafschap de heerlijkheid Mechelen, die tot dan toe een afzonderlijke enclave had gevormd. De Staten bleven wel bestaan, maar de Deputaties werden afgeschaft. Deze indeling was geen lang leven beschoren, want al een tweetal maanden na afkondiging werd het keizerlijke edict opgeheven.
Brabantse Omwenteling
De felle oppositie tegen de projecten van Jozef II liep uit in de Brabantse Omwenteling van 1789-1790. Deze opstand leidde op 11 januari 1790 tot de oprichting van een republiek onder de benaming Verenigde Belgische Staten. Nog geen jaar later werd deze republiek al weer door de Oostenrijkse wapens opgeruimd.
Napoleontische tijd
In 1794 veroverden de Franse revolutionaire legers, die een einde stelden aan het Ancien Régime, onze contreien. Het land werd verdeeld in negen departementen. Onze provincie kreeg de naam Departement van de Twee Neten. Van de oude instellingen en voorrechten bleef toen niets meer over. In het najaar van 1798 kwam het tot uitbarstingen van gewapend verzet, die bekend werden onder de naam Boerenkrijg. Het Departement van de Twee Neten was de haard van deze kortstondige verzetsacties.
Na het neerslaan van de Boerenkrijg verscherpten de Fransen hun repressie tegen de tegenstanders van het nieuwe regime. De staatsgreep van Napoleon Bonaparte en de instelling van zijn Consulaat brachten een verbetering in de toestand. Aan het hoofd van een departement werd een prefect aangesteld, die jaarlijks verslag uitbracht aan Napoleon zelf. Deze traditie mondde later uit in de openingsredes die jaarlijks door de provinciegouverneurs worden uitgesproken ter gelegenheid van de opening van de gewone zitting van de provincieraad.