- Home
- Bestuur
- Departementen
- Cultuur
- Dienst Cultuurspreiding en Kunsten
- Adviesorganen
Raad voor Cultuur van de Provincie Antwerpen
Vernieuwde Raad voor Cultuur
In 2007 kreeg de Raad voor Cultuur van de provincie Antwerpen nieuwe statuten. Daarmee werd een vernieuwings- en verjongingsoperatie ingezet van dit adviesorgaan dat al in 1979 werd opgericht.
De grondslag voor een dergelijk adviesorgaan was en blijft het bekende Cultuurpact, dat nog altijd bepaalt dat elke overheid alle erkende representatieve verenigingen en alle ideologische en filosofische strekkingen moet betrekken bij de voorbereiding en de uitvoering van het cultuurbeleid.
Het feit dat de eerste statuten van de Raad voor Cultuur stilaan verouderd waren en de invoering van het nieuwe provinciedecreet (dat bijvoorbeeld bepaalt dat ten hoogste twee derde van de leden van een adviesorgaan van hetzelfde geslacht mag zijn), waren de aanleiding om over te gaan tot een reorganisatie.
Om af te geraken van de vroegere logge structuur werd geopteerd voor een minder formele algemene vergadering, voor een opdeling in vier sectoren die elk een eigen sectorbestuur hebben en voor een afgeslankt overkoepelend bestuur.
De algemene vergadering
Het lidmaatschap van de Raad voor Cultuur staat open voor bovenlokale culturele organisaties die in de provincie Antwerpen hun zetel of secretariaat hebben en die er zelf regelmatig culturele activiteiten organiseren op regionaal vlak. Al die bovenlokale culturele organisaties vormen de algemene vergadering. Elke organisatie duidt zelf haar effectieve en plaatsvervangende vertegenwoordiger aan. Deze vertegenwoordigers komen ten minste om de twee jaar samen, eventueel gekoppeld aan een studiemoment.
Op dit ogenblik zijn ongeveer 150 culturele organisaties lid van de Raad voor Cultuur. Die is daardoor representatief voor de verschillende culturele werksoorten en kunstdisciplines die de provincie Antwerpen rijk is. Om het geheel werkbaar te maken is er een opdeling in vier sectoren:
- de sector bovenlokaal cultuurbeleid (waarin bijvoorbeeld de cultuur- en gemeenschapscentra en de bibliotheeksector vertegenwoordigd zijn);
- de sector sociaal-cultureel werk (waarin de sociaal-culturele verenigingen, instellingen en diensten/bewegingen zitten);
- de sector kunsten (waarin zowel de professionele organisaties als de amateurkunstorganisaties zitten: taal- en letterkunde, plastische en audiovisuele kunsten, podiumkunsten, muziek,...);
- de sector erfgoed (musea, archieven, heemkunde, geschiedenis en volkskunde, wetenschappen, ...).
De sectorbesturen
Elk van die vier sectoren heeft een eigen sectorbestuur. In de algemene vergadering vaardigt elke sector maximaal twaalf personen af voor het eigen sectorbestuur. Door coƶptatie kunnen daar nog maximaal zes externe deskundigen aan worden toegevoegd.
De sectorbesturen zijn bevoegd voor het uitwerken van voorstellen die ze, na eventuele toetsing in de sectoren zelf (ze kunnen daartoe vergaderen met organisaties uit de sector of de betreffende deelsector), doorsturen naar het bestuur voor finalisering. De adviesvoorstellen betreffen doorgaans subsidieaangelegenheden:
- nieuwe reglementen of aanpassingen aan bestaande subsidiereglementen;
- verzoeken van culturele organisaties om structurele erkenning en ondersteuning door de provincie;
- adviezen over de cultuurbegroting van de provincie;
- adviezen over het gehele cultuurbeleid van de provincie.
Het bestuur van de Raad voor Cultuur
In de getrapte structuur van de Raad voor Cultuur is het overkoepelende bestuur de geleding die uiteindelijk de adviezen uitbrengt aan de deputatie. Dit betekent dat bij de samenstelling van het bestuur de wettelijke bepalingen uit cultuurpact en provinciedecreet van toepassing zijn.
Het bestuur wordt gevormd op basis van de vier sectorbesturen. De sectorbesturen stellen daarvoor elk drie kandidaten voor, zodat het bestuur minimaal twaalf leden telt.
Om te blijven voldoen aan het cultuurpact kunnen deze twaalf bestuursleden aangevuld worden met vertegenwoordigers van ideologische of filosofische strekkingen die nog niet vertegenwoordigd blijken te zijn.
Van elke politieke fractie in de provincieraad wordt een raadslid als waarnemer uitgenodigd.
Het bestuur onderhoudt ook contacten met de overige provinciale adviesorganen (onder andere Sportraad en Jeugdraad). Uit de Raad voor Cultuur wordt ook de Vaste Commissie van Advies voor de provinciale culturele instellingen samengesteld.
Het huidige bestuur en de huidige sectorbesturen werden in 2008 samengesteld en blijven tot 2012 in functie, gelijklopend met de provinciale bestuursperiode.
Bovenlokale culturele organisaties met een regionale uitstraling in de provincie Antwerpen, die lid wensen te worden van de Raad voor Cultuur, kunnen zich altijd kandidaat stellen door een aanvraagbrief en een activiteitenverslag te sturen naar de algemeen secretaris (Marcel De Cock, Departement Cultuur, Koningin Elisabethlei 22, 2018 Antwerpen). Deze aanvragen worden voor advies voorgelegd aan het bestuur en dan aan de deputatie.
Het lidmaatschap van de Raad voor Cultuur staat volkomen los van al dan niet gesubsidieerd te worden door de provincie. De Raad voor Cultuur is en blijft immers het adviesorgaan dat de provincie bijstaat bij het voorbereiden en het uitvoeren van haar cultuurbeleid.
